In de (voet)sporen van het edelhert.

In de (voet)sporen van het edelhert.

In de (voet)sporen van het edelhert. 1920 1536 Inkt & Aarde

Hoe een natuurbrug bijdraagt aan grenzeloze natuur in Brabant.

Vrij rondtrekkende edelherten, kan dat wel in Nederland? Alle hekken weg is nu nog een brug te ver, maar in Het Groene Woud is dankzij een nieuwe natuurbrug een belangrijke stap gezet naar grenzeloze natuur. Verslaggever Marjolein Bezemer ging op pad.

“Je kan toch wel over een sloot springen hè?” vraagt Sjors de Kort, beheerder van Brabants Landschap. We staan midden in De Mortelen, een natuurgebied in Het Groene Woud tussen Boxtel en Best. Dankzij Brabants Landschap en ARK leven er in dit gebied weer edelherten. Door de komst van een natuurbrug over het spoor, is hun leefomgeving fors uitgebreid. Voor het jaarmagazine van ARK mag ik bij hoge uitzondering een kijkje nemen bij de brug. “Eigenlijk is dit gebied van de natuur en niet bedoeld voor mensen. De weg er naartoe is niet wat je gewend bent”, waarschuwt De Kort. “Je hebt geen laarzen aan, zie ik.”

Grenzeloze natuur als speerpunt

Tussen de gebieden De Mortelen en De Scheeken liggen de A2 en een drukke spoorlijn waar 500 treinen per dag overheen razen. Over de snelweg lag al een natuurbrug. De nieuwe natuurbrug over het spoor zorgt er sinds augustus 2020 voor dat beide terreinen helemaal gekoppeld zijn. ARK adviseerde afgelopen jaar over de inrichting van het gebied zodat het edelhert er optimaal van kan profiteren.

Grenzeloze natuur is een van de speerpunten van ARK. Ecoloog Bram Houben legt uit dat ARK een unieke positie heeft om over lands- en gebieds- grenzen heen te kijken. “Waar veel natuurorganisaties een gebiedsvisie hebben, kijken wij naar wat een soort nodig heeft. De wilde kat komt nu bijvoorbeeld vanuit de Ardennen en de Eifel in Zuid-Limburg ons land binnen. We kijken dan door de oogharen van de wilde kat: wat heeft hij nodig? Samen met anderen werken we vervolgens aan een brede visie voor zo’n soort, en in het kielzog daarvan kunnen andere soorten gebruikmaken van de verbindingen die we leggen.”

Nederland heeft meer geschakelde natuur nodig voor een prettige leefomgeving én om grote uitdagingen zoals de klimaat-, stikstof- en biodiversiteitscrisis het hoofd te bieden. In Het Groene Woud is hiermee een hele goede start gemaakt, aldus Houben. “Het is van groot belang om groene natuurnetwerken te creëren. Als dieren vrij kunnen migreren, levert dat gezonde populaties op en zo zorg je voor nog meer natuur. Denk aan dieren die in de soortenrijke uiterwaarden grazen en naar armere zandgronden trekken. Ze verplaatsen daarmee zaden en bemesten de arme grond via hun uitwerpselen.”

Edelhert creëert ruimte en habitat voor andere soorten

Beheerder Sjors de Kort vertelt enthousiast over ‘zijn’ gebied tijdens onze wandeling in De Mortelen. Het is onderdeel van 3000 hectare aaneengesloten natuur in Het Groene Woud. Daarbinnen is 350 hectare omheind edelhertenleefgebied.

De Kort vertelt dat daar veel bijzondere soorten te vinden zijn. De kleine ijsvogelvlinder, veen- bes, slanke sleutelbloem, houtsnip, wespendief, boomkikker en verschillende soorten orchideeën. De Kort: “Vroeger werden de omheinde open weides in het bos gebruikt om vee te laten grazen, of het gras werd keurig gemaaid tot aan het hekwerk. Met de komst van het edelhert zijn alle rasters binnen deze 350 hectare weggehaald. De omheining om het edelhertenleefgebied heen is overal voorzien van doorgangen voor andere dieren. Alleen de edelherten en de runderen die hier grazen, blijven binnen de 350 hectare.”

Kekkende boomkikkers

De edelherten en runderen kunnen binnen het natuurgebied vrijelijk grazen op open plekken en schuilen in het bos. “Dat zorgt voor verandering van het landschap”, aldus De Kort. “Op langere termijn komt er door de dieren meer licht in het dichte bos. Plantensoorten als slanke sleutelbloem, bosanemoon en eenbes zullen daarvan profiteren. Andere soorten hebben al veel sneller een plek gevonden in de nieuwe bosranden. Het edelhert maakt dichte braambossen open en de randen van de weides lopen dicht met struikgewas. De harde grenzen bij de weides vervagen door de herintroductie van het edelhert.” Die overgangen tussen dicht bos en open weide zijn juist rijk aan natuur, legt hij uit. “Het gaat hier heel erg goed met de boomkikker die graag in de braamstruwelen zit,” zegt De Kort tevreden. “Nu is het een frisse dag, maar twee weken geleden was het warm en hoorde ik ze hier in de randen: ‘KÈKÈKÈKÈK’.”

Op safari in Brabant

We lopen verder. Op het opengestelde wandelpad komen we wandelaars in camouflagekleding en met grote camera’s tegen. “Heb je de herten gezien of niet?” vraagt De Kort. “Nee, helaas,” is het antwoord. Het geeft het gevoel dat we op safari zijn in eigen land. We naderen het edelhertengebied en de sloot waar De Kort al voor waarschuwde. Het blijkt reuze mee te vallen: met een kleine sprong bereiken we met droge voeten de overkant. Langs de kant van het water groeien bosanemonen en pinksterbloemen. De eerste sporen van edelherten verschijnen op het pad. We lopen langs dassen- en reeënwissels en De Kort wordt steeds enthousiaster. “Als beheerder ga je echt voor zo’n gebied. Ik zeg niet dat ik er verliefd op ben, maar toch eigenlijk bijna wel.” Achter de meidoornstruiken doemt de natuurbrug voor ons op.

Sporen volgen naar het edelhert

Natuurbrug De Mortelen is een indrukwekkend bouwwerk van 50 meter breed en 40 meter lang. Is er sinds de opening in februari 2020 al iets zichtbaar veranderd? “Je moet het de tijd geven”, zegt De Kort. Toch ziet hij dat er meer dynamiek is gekomen. “Je ziet meer paadjes en vaste wissels de bossen ingaan. Ook dassen en vossen maken zichtbaar gebruik van de natuurbrug. Kijk maar naar de sporen en uitwerpselen.”

Op de natuurbrug zelf liggen verschillende ondiepe poelen waar boomkikkers en kamsalamanders leven. We zien een roodborsttapuit op een boomstronk. “De brug is een natuurgebied op zichzelf,” aldus De Kort. En dan, plotseling: “Kijk! Je hebt geluk.” Vanaf het hoogste punt van de wildpassage zien we, heel in de verte, vier grote edelherten grazen in een bosweide.

Durven dromen

De huidige populatie edelherten heeft vooralsnog genoeg ruimte binnen het huidige gebied. “Het zou mooi zijn als ze ooit de volledige 3000 hectare geschakelde natuur konden gebruiken”, zegt De Kort. Waarom dat nu nog niet kan? “Landbouwschade en verkeersveiligheid zijn belangrijke redenen,” stelt hij. “Er lopen nog altijd openbare wegen door het gebied, dus een grote wildernis zal het voorlopig niet worden. Misschien kunnen de edelherten over een aantal jaar vrij in Het Groene Woud leven. Dromen moet je wel hebben.”

Dit artikel verscheen in juni 2021 in het ARK Magazine.

Tekst: Marjolein Bezemer in opdracht van ARK Natuurontwikkeling

Beeld: Patrick Rooijen

Meer over natuur, bos en mijn liefde voor de natuur.

Marjolein Bezemer

Inkt & Aarde (Marjolein Bezemer) schrijft en communiceert over duurzaamheid, groen en natuur. Een wereld in transitie heeft goede schrijvers nodig om mensen te informeren en in beweging te krijgen. Daar zijn niet alleen de bijen blij mee, maar ook verschillende opdrachtgevers. Want het werkt gewoon goed om een freelance schrijver in te zetten die net zo’n groen hart heeft als u.

Alle artikelen door: Marjolein Bezemer